Aantekeningen


Treffers 501 t/m 550 van 591

      «Vorige «1 ... 7 8 9 10 11 12 Volgende»

 #   Aantekeningen   Verbonden met 
501 stamvader ter Beek ter Beek, Beerent Jansz (I81)
 
502 Stamvader ter Haar Bunschoten ter Haar, Jan (I2055)
 
503 Stamvader van de naam Pieter Pieters, Pieter (I1240)
 
504 stef [s.waardenburg1@chello.nl]
http://gw.geneanet.org/waard871 
Waardenburg, Stephanus (Stef) (I1695)
 
505 Stephanus Jacobus de Bock, geboren in 1721 in Sas van Gent. Stephanus Jacobus is overleden in 1793, 71 jaar oud.
Hij trouwde op 25 jarige leeftijd in 1747. Het huwelijk werd aangegaan met:
Johannis Hendriks van Soelen. Johannis Hendriks is overleden in 1795 in Steenwijk.
Hij overleed waarschijnlijk in 1799 te Steenwijk.
Op 17-08-1726 was hij wees en werd eerst opgevoed door een zekere P. Gestelt(?).
En daarna werd hij opgevoed door zijn grootvader de Swarte. Zijn vader was Jacobus de Bock deze maakt op 08-12-1724 een testament op 15-01-1721 is hij weduwnaar gehuwd met Susanna de Swarte. Zijn oom Aarnout woont in Middelburg en is ook voogd over Stephanus. Deze oom Aarnout geeft Stephanus een apothekersopleiding (23-04-1735)
In 1747 komt hij naar Steenwijk nadat hij zijn artsen examen heeft behaald in Utrecht.
In het Album promotorum van de rijksuniversiteit te Utrecht staat vermeld dat hij zich liet inschrijven op 27-Juni-1746 onder Rector: Franciscus Burmannus.

Huwelijk, Kinderen, Overlijden
In 1747 trouwt hij met Johanna Hendrika van Soelen. In mei 1747 wordt het huwelijk geproclameerd in Steenwijk. Maar het huwelijk vindt er dus niet zelf plaats. Meestal vond het huwelijk plaats in de gemeente waar de bruid woonde. Maar onbekend is waar Johanna Hendrika van Soelen vandaan komt misschien gewoon ook uit Zeeland.
Zij krijgen 7 kinderen Aarnoud, Maria, Sussanna, Stephanus Gerhardus, Jacobus Wilhelmus, Rokelina Sara, Wilhelmus Johannus en Rokelina Sara.
Naar alle waarschijnlijkheid overlijd in 1799 Stephanus in Steenwijk en het jaar erop overlijdt Johanna te Steenwijk (in 1800).

Mediciene Doctor
In 1747 komt Stephanus naar Steenwijk toe. Hij heeft net zijn artsen examen behaald in Utrecht. Van oorsprong komt hij uit Zeeland (SA137). Hij wordt aangetrokken door de magistraat van Steenwijk en er werd hem, volgens Stephanus althans, beloofd een jaar contract van 125 guldens (dit zijn 'goudguldens' of 'carolingische guldens').
Daarover ontstaan nog datzelfde jaar problemen, want het eerste jaar ontvangt hij 25 gg (SA 184) in 1748 en het jaar erop geen cent. Althans niet van het stadsbestuur, wel natuurlijk van de patiënten.
Het jaar daarop (1749) weer 25 gg. Volgens mij rond 1751 kruipt Stephanus in de pen om het conflict te beslechten. Dat levert hem in elk geval iets op. In dat jaar krijgt hij uitbetaald 50 gg voor het jaar 1748.
Op 14 juli 1752 doet Hermen Jordens een uitspraak dat Stephanus niet meer dan 50 gg per jaar kan krijgen als jaartractement.
In dat jaar krijgt hij met terugwerkende kracht 100 gg terug voor de jaren 1749 en 1750.
Vanaf dat jaar krijgt hij 50 gg per jaar (SA 184-186). Op 5 juni 1753 doet hij nog een poging om zijn gelijk te halen en schrijft zijn hele verhaal naar "Mevrouw de Prinsesse Douaniere van Orange en Nassau", maar zonder resultaat.
Er worden twee argumenten aangedragen:
1) men heeft hem nooit een jaarcontract voor dit bedrag beloofd
2) de stad heeft er geen geld voor ivm de slecht stads financiën. Wat hij aan medicijnen declareert is trouwens niet veel. In 1773 voert hij 3 gg op en in 1779 8 gg en 14 stuivers.
In 1780 wordt hij bijgestaan door een stads vroedvrouw (zij krijgt een jaarcontract van 40 gg). De uitbetaling loopt tot 1 november
1784. Rond deze tijd vertrekt Stephanus naar Rijswijk (wat blijkt uit de verkoop van hun woningen begin december 1784, (GA 86-88)).


Bestuurlijke malaise
Het steenwijkse stadsbestuur staat voor 1750 erg slecht bekend. Het was een grote kliek vriendjes politiek. In toenemende mate nam dan ook de spanning toe tussen de Magistraat en de bevolking. In de stadsinemoralien (SA 10 )wordt daar uitgebreid verteld over de oproer, de gevangenneming van enkele lieden waarvan er zelfs een overlijdt en de bestuursomwenteling die daarop volgt. Op 28 juli 1750 vindt die omwenteling plaats. Stephanus is daar bij betrokken hoewel hij geen hoofdrol heeft gespeeld. In dat jaar wordt hij gekozen als een 'gemeensman' (SA 68 ), een kleine bestuurlijke functie.


Burgerschap
Men wilde binnen de stadsmuren natuurlijk geen gespuis of mensen met vreemde ziektes. Ook kon je niet zomaar rekenen op bescherming die een stad bood. Om in een stad te kunnen wonen diende men zich dan ook in te kopen. Je had niet direct allerlei rechten Daarvoor had je eigenlijk twee statussen. Het Klein Burgerschap dat was een soort tijdelijke verblijfsvergunning Je betaalde daar 35 gg voor. Dan had je nog het Groot-.Burgerschap, een soort vaste verblijfsvergunning. Dat kon je ook kopen voor 35 gg. Eerst kon men het Klein Burgerschap verkrijgen en pas na een jaar kon men het Groot Burgerschap kopen, als men zich goed had gedragen en de geen schulden had gemaakt. Als je in Steenwijk was geboren kreeg je automatisch het Groot-Burgerschap Stephanus de Bock kreeg op 6 februari 1751 uit verdienste voor zijn aandeel in de bestuurswisseling het Groot Burgerschap voor hemzelf en zijn vrouw voor niets.
(SA 62 ).

Burgemeester
Vanaf 1755 t/m 1776 wordt Stephanus elk jaar weer gekozen tot (een van de) burgemeesters van Steenwijk. Deze functie is vergelijkbaar die van een huidige wethouder. Een van de burgemeesters hield toezicht op bouwaanvragen of hield bouwprojecten in de gaten. Elk jaar werd een van hen aangewezen tot 'bouwmeester'. In 1776 had Stephanus deze functie.

Wonen
Stephanus heeft vanaf 1747 tot 1784 en waarschijnlijk weer in 1799 gewoond in Steenwijk. In het gerichtsarchief (GA 086-088) van Steenwijk blijkt dat zij in begin dec 1784 twee huizen verkopen. Te weten : 1) een woning in de Gasthuisstraat waar oa 3 gg pacht over werd betaald, dat komt dus overeen met de woning 'Westerclugt nr 11' (SA 256) uit de Kapittel Rekeningen. Deze Woning hebben gekocht van A. Vedder. Vroeger had men nog geen officiële huisnummers of straten. Om een woning aan te duiden zei men dat is het huis van Jan die van Piet is geweest : 'Piet modo Jan'. In de Capittel Rekeningen staat "No 11 Burgemeester A. Vedder modo Burgemeester De Bock". Dit zal hetzelfde huis zijn als die welke uit de volkstelling in 1747 naar voren komt. In 1747 woont hij met zijn vrouw, zoon Arnoldt en ook een meid die Willeminne heet, in de Gasthuisstraat. Vanaf de Markt gezien aan de linkerkant, misschien wel de negende woning (SA 72 ) ? Een exactere Plaatsbepaling is niet te maken. Dit huis Werd verkocht voor  
de Bock, Stephanus Jacobus (I164)
 
506 Stierf in het kraambed na de geboorte van zoon Everhard Deketh, Catharina (I353)
 
507 Taco Ludigman was een figuur uit een sage betreffende de geschiedenis van Friesland. Voor zijn waarachtige historiciteit bestaan geen contemporaine bronnen, noch zijn er munten of andere archeologische bewijzen.
De sage omvat de volgende onderdelen:
Ludigman (gekozen ongeveer 830) zou de tweede potestaat van Friesland zijn geweest. Taco of Focko Ludigman was potestaat van Friesland in de laatste periode van de regering van Lodewijk de Vrome. Tijdens het Lotharingsch opperbestuur is hij opgevolgd door Adelbrik Adelen, van Sexbierum.Taco Ludigman was een figuur uit een sage betreffende de geschiedenis van Friesland. Voor zijn waarachtige historiciteit bestaan geen contemporaine bronnen, noch zijn er munten of andere archeologische bewijzen.
De sage omvat de volgende onderdelen:
Ludigman (gekozen ongeveer 830) zou de tweede potestaat van Friesland zijn geweest. Taco of Focko Ludigman was potestaat van Friesland in de laatste periode van de regering van Lodewijk de Vrome. Tijdens het Lotharingsch opperbestuur is hij opgevolgd door Adelbrik Adelen, van Sexbierum 
von Ludigman, Taco (I2354)
 
508 Thetburga's naam wordt ook geschreven als Tydburg, Tietburg, Thetburg, Tetburga, Tetburg of Tette (de Friese naam Tiete). Volgens een zeer twijfelachtige vermelding in de vijftiende-eeuwse kroniek De origine et Rebus gestis Dominorum de Brederode (Over de oorsprong en de daden van de heren van Brederode) van Johannes a Leydis was zij een dochter van de zesde Friese potestaat Gozewijn (ook wel Gooswijn of Goswinus) van Staveren (989-1000).[1] Thetburga ontmoette haar toekomstige echtgenoot Siegfried van Holland (Sicco) in Kastrichem (Castricum). Siegfried van Holland was de jongere broer van Dirk III, en de zoon van Arnulf van Gent en Lutgardis van Luxemburg.
Hun huwelijksplannen vielen niet in goede aarde bij graaf Dirk III van Holland (-27 mei 1039). De toch al gespannen verhoudingen tussen beide broers werden hierdoor nog verder onder druk gezet. Als reden wordt opgegeven het grote standsverschil. Uiteindelijk werd het geschil bijgelegd en het huwelijk voltrokken. Thetburga werd twaalf jaar na haar man in het klooster van Egmond (dat toen nog Hallem of Hallum heette) begraven. Bij archeologisch onderzoek in 1980 [2] werden van de daar aanwezige graven werden haar beenderen onderzocht. Thetburga bleek klein van stuk: 155 cm lang. Ze had een gecompliceerde breuk aan haar elleboog, een heupfractuur, ernstige botontkalking met beenatrofie (verschrompeling door stoornis in de voedselvoorziening).Ze had een athropathie (gewrichtsaandoening) en jicht aan de voeten.
Op 8 oktober 1980 werd Thetburga herbegraven. De monniken van het klooster in Egmond bidden in een plechtige mis voor de zielerust van haar en Othilde van Saksen, de vrouw van Dirk III en broer van Siegfried. 
Gezin: Siegfried van Holland / Thetburgia von Staveren (F1358328002)
 
509 They emigrated in 1906, and lived in Walworth County, Wisconsin before moving to Racine County. Waardenburg, Oepke (John) (I3647)
 
510 Titel: Heer
Slot Brederode 
van Teylingen, Willem I (I2342)
 
511 Titel: Heer van Merum en Neerloon
Beroep: raadsman van de vorsten van Engeland en Brabant. 
Gezin: Jan I van Cuyck / Jutta van Nassau (F1359469887)
 
512 Titel: Knape van Kyck en Grave van Cuyck van Mierop, Jan II (I3079)
 
513 Titel: Mr.
Beroep: Thesaurier-generaal.

Heer van Kethel

Notities bij Vincent Cornelisz van Mierop

bast. mr. Vincent Cornelis (van van MIEROP (Myerop)) (ook CUIJK van MYEROP), geb. 1469, ridder, bijgenaamd "den grooten Vyncent", in 1509 "een man van groot aensien" genoemd, een der rijkste ingezetenen der Nederlanden en wellicht de invloedrijkste Hollandse ambtenaar uit de eerste helft van de zestiende eeuw, vermaard rekenmeester der Nederlanden in de Habsburgse tijd, ondertekende regelmatig met XXC (vingtcent) Cornelisz. gevolgd door vele krullen (een erudiet grapje waaruit blijkt dat hij aardig opde hoogte was met het Frans), genealoog, klerk (1498-v??r 1499) van Thomas Beukelaar (Serge ter Braake, die ik hieronder uitgebreid zal citeren geeft op pag. 368-369 van zijn proefschrift als ambten van zijn leermr. aan, volgorde willekeurig,: heer van Albl.dam, Ottoland en de parochie 's-Heeraartsberg, rentmr. van de exploten, rentmr. van de beden, ontvanger van de omslagen op de schildtalen, kastelein van Geertruidenberg, baljuw, schout en dijkgraaf van Strijen, dijkgraaf van de Alblasserwaard, schepen  
van Cuyck van Mierop, Vincent Cornelisz (I3089)
 
514 Titel: Ridder van Cuyck van Mierop, Jan (I3081)
 
515 Titel: Schout van Oude-Tonge
Beroep: Bakker te Noordwijk-Binnen op het Westeinde. 
Hanneman, Cornelis Jansz (I3097)
 
516 Titel: Vrouwe van Stein en Millen van Herstal, Maria van Sponheim Gravin van Loon Vrouwe (I2983)
 
517 Tweeling

Geemigreerd naar USA:
Ymkje Jacobs Waardenburg

Geb.datum/Birthdate: 29 mei 1852 Bijzonderheden: Geen-None/Without Any Job - Wife, Married Laatste woonplaats/left from: Tzummarum Gekomen van/came from: vertrokken naar/left for: Onbekende bestemming/unknown destination

Geboortedatum (date of birth): 0000-00-00
Sterfdatum (date of birth): 0000-00-00

© tekst: Bevolkingsregister Barradeel 
Waardenburg, Ymkje (I1794)
 
518 Tweeling Dirksen, Cornelia (I381)
 
519 Tweeling Dirksen, Hendrik (I389)
 
520 Tweeling Waardenburg, Johannes (I1718)
 
521 Tweeling Waardenburg, Johanna (I1719)
 
522 Tweeling Waardenburg, Dirk (I1733)
 
523 Tweeling Waardenburg, Petronella (I1767)
 
524 Tweeling Waardenburg, Johannes (I1768)
 
525 Tweeling Waardenburg, Jetske (I1793)
 
526 Tweeling met Catharina, reden voor vader om zich in erfelijkheidsleer te gaan bekwamen Waardenburg, Virginie Emerentienne Rosine (I3274)
 
527 Tweeling met Virginie, reden voor vader om zich in erfelijkheidsleer te gaan bekwamen
Woont in Warnsveld, huis Welgelegen
Als jong kind werd zij To genoemd door intimi (bron: Jan Waardenburg) 
Waardenburg, Catharina Emerence (I3275)
 
528 Vader onbekend, later als kind geeigend door Cornelis de Zoete.

Gewoond: Vlietlaan 30c, Rotterdam-Kralingen
Later te Velp, Rozendaalselaan 35 in Villa Pretoria, dependance van De Beukenhof 
de Zoete, Wilhelmina (I1984)
 
529 Vader overleden Walinga, Klaas (I1872)
 
530 Van de geboorte is aangifte gedaan op dinsdag 25 mei 1847 in aanwezigheid van Johannes de Groot en Jan van den Berg.

Geboren in het huis Wijk A, nr 49 te Naaldwijk.
Over getuige Johannes de Groot staat vermeld: "en heeft de tweede getuige verklaard zijnen naam niet te kunnen schrijven of teekenen." 
Lalleman, Neeltje (I997)
 
531 Van Hemert schreef in 1749 dat Sicco `ongelooflijke wonderen` verrichtte. Hij trouwde met de dochter van de gezagshebber in Friesland: Gooswijn Ludigman. Het huwelijk tussen Tetburga of Tydburg en Sicco of Sigefrid gebeurde in het geniep. De broer van Sicco, graaf Dirk van Holland, wist van niets en was daar uiteraard boos over geworden. Ze was de dochter van Goosewijn Ludigman, de gezagvoerder in (west)- Friesland. Ze kregen twee zonen.
J. Wagenaar schreef in de Vaderlandse Historie (1782) dat Sicco ruzie kreeg met zijn broer en daarom naar Kennemerland (Haarlem?) vluchtte. Daar ontmoette hij Tetta of Tietburg. Sicco werd verliefd op haar en ze trouwden. Maar het was een huwelijk van ongelijke stand. Ze was dochter van ene Goxewyn die van Friesland naar Kastrichem (Castricum).

Minnarijen
Sicco krijgt niet zozeer het verwijt van z`n `minnarijen`, ofwel vreemdgaan. Veel graven kregen syphilis. Door de lange incubatietijd kwam men waarschijnlijk niet op het idee dat de ziekte sexueel overdraagbaar is. Wat Sicco echter vooral wordt nagedragen is dat hij trouwt met een meisje dat niet `van zijn stand` was.
Op 8 oktober 1980 is Thetburga herbegraven. De monniken van het klooster in Egmond bidden in een plechtige mis voor de zielerust van haar en Othilde van Saksen, de vrouw van Dirk lll en broer van Sicco.
Dat Sicco en Thetburga syphilis hadden is niet echt bijzonder in de Middeleeuwen. Veel vorsten hadden een `bijzit`. Wisselende sexuele contacten werden ook niet in verband gebracht met ziektes
door de lange incubatietijd (meerdere jaren). 
van Holland, Siegfried (I2350)
 
532 Van het overlijden is aangifte gedaan op 7 mei 1934 [bron: Aktenummer 26]. Rook, Klaasje (I1318)
 
533 Van het overlijden is aangifte gedaan op dinsdag 11 juni 1839 door Arie van Onselen en Nicolaas Scheffers. Broekman, Hendrik (I2228)
 
534 Van het overlijden is aangifte gedaan op dinsdag 27 oktober 1840 door Jan Haaring en Louwrens van Geest.

Louwens van Geest: neef
Jan Haaring: goede bekende
Overleden in het huis No 48 te ’s-Gravenzande. 
van der Wel, Elizabeth (I2233)
 
535 Van het overlijden is aangifte gedaan op donderdag 16 september 1819 door Hendrik Broekman [echtgenoot] en Cornelis Marinusz van Geest .
Overleden in het huis Wijk B, nr 25 te ’s-Gravenzande.
In de overlijdensakte staan geen partner en ouders genoemd. 
van Maarleveld, Adriana (I2229)
 
536 Van het overlijden is aangifte gedaan op maandag 17 maart 1823 door Arie Zonderwijk en Nicolaas de Groot. Zij is begraven op zaterdag 22 maart 1823 in Naaldwijk.

Overleden in het huis Wijk A, nr 154 te Naaldwijk. 
Herberts, Trijntje Claasdr (I2263)
 
537 Van het overlijden is aangifte gedaan op maandag 26 maart 1838 door Arie Zonderwijk (±1784-na 1864) en Aalbregt van der Tuijn.

Beide getuigen worden vermeld als zijnde buurman. Aalbregt van der Tuin heeft verklaard zijn naam niet te kunnen schrijven of teekenen.
In de overlijdensakte wordt hij "Hendrik Broeckmann" genoemd.
Overleden in het huis Wijk A, nr 168 te Naaldijk. 
Broekman, Hendrik (I2258)
 
538 Van het overlijden is aangifte gedaan op zaterdag 18 februari 1860 door Evert van den Bos en Hendrik van der Eik.

Hendrik van der Eijk: aanbehuwd kleinzoon
Evert van den Bos: goede bekende
Overleden in het huis No 77 te ’s-Gravenzande. 
van Geest, Cornelis Marinus (I2230)
 
539 Van het overlijden is aangifte gedaan op zaterdag 25 september 1847 door Cornelis Marinusz van Geest [echtgenoot] en Arie van Eeteren.

Arie van Eeteren: goede bekende
Overleden in het huis No 34 te ’s-Gravenzande. 
van der Sar, Willemijna (I2231)
 
540 Van het overlijden is aangifte gedaan op zaterdag 6 maart 1869 door Arie Koene en Cornelis Broekman [zoon].

Overleden in het huis Wijk A, nr. 62 te Monster. Leeftijd in de akte: 57 jaren en de geboortedatum vermeld als 25 maart 1811. 
van Geest, Elisabeth (I516)
 
541 Vandalenprinz. Geiso (I2860)
 
542 vermeld in 1750 Wouters, Volken (I1953)
 
543 Vermeld als Waerdenburgh Waerdenburgh, Petrus Pijterse (I1865)
 
544 Vermelding:
gründet mit ihrem Gatten Kloster St. Pierre in Lyon.
Vermelding[ Bron 1 ]:
koningin der bourgondiërs, een acte van de VIIIe eeuw, ?bevestigd? door een vervalsing uit de Xe eeuw, noemde Theodelinde als echtgenote van Godogisel, zij zouden de abdij van de St Pierre van Lyon hebben gesticht, , maar het lijkt onmogelijkdat Godogisel, ariaan van geboorte, in de korte tijd tussen zijn overwinning en zijn opsluiten in Vienne, én katholiek geworden was én een abdij had gesticht, Settipani sluit zich alsnog aan bij de theorie dat behalve de naam de rest wel verzonnen zal zijn. 
Theodelinde (I2772)
 
545 Vermelding:
Verwante van de heilige Clothilde, Schwester Agiulfs.
Vermelding[ Bron 1 ]:
verwant aan de Algilolfingers, de bisschop Agilulf van Metz (ca. 601) beschreef dat zij van gallo-romeinse afkomst was, ook was bekend dat hij een oom was van Arnoald, bisschop van Metz in 611 (vgl. 66), deze afkomst kan slechts via de mannelijke lijn aangezien de agilofingers franken waren, dit leidde Settipani tot de conclusie dat de grootmoeder van Arnoald een dochter was Cloderic, wiens agilolfingerse afkomst dan loopt via haar grootvader van moederszijde die als nazaat Garibald I van Beieren had, de eerste bekende agilolfinger, Agilulf is dan als broer van Ansbert eveneens een oom van Arnoald, dit brengt ons bij de frankische prinses die we zochten als vrouw van Cloderic en moeder van Dode, de gallo-romeinse afkomst van de bisschop is dan afkomstig van Ferreol, echtgenoot van Dode (vgl. 264) 
van Beieren, NN (I2801)
 
546 Vermelding: Buitenechtelijke relaties en kinderen:
Frederik Hendrik had van een buitenechtelijke relatie een kind.
Van Margaretha Catharina Bruyns:
**Frederik van Nassau.
Titel: graaf van Nassau, prins van Oranje
Behoedzaam, maar zonder ophouden streefde hij ernaar zijn familie op het niveau van de Europese vorstenhuizen te brengen en daartoe moest de verbinding met de Stuarts dienen, tot stand gekomen door het huwelijk van zijn zoon met de dochter van KarelI. In samenhang daarmee staat zijn streven naar het verwerven van een soevereine positie in de Republiek der Verenigde Nederlanden; de brug daarnaar toe moest het stadhouderschap in alle gewesten worden. In 1640 leed dit pogen echter een beslissend gebleken nederlaag, toen de Staten van Friesland, hoezeer ook met geld bewerkt, bleven weigeren hem tot hun stadhouder te benoemen. Wel kreeg hij in 1640 deze waardigheid in Groningen en Drenthe.
Frederik Hendriks historische betekenis is drieërlei. In de eerste plaats heeft hij door zijn met succes bekroonde krijgsondernemingen ? die samen beslisten over de toekomst van Twente, Gelderse Achterhoek, Noord-Brabant, een paar stukken van Limburg en eindelijk Zeeuwsch-Vlaanderen ? het territorium van de staat der Noordelijke Nederlanden in hoofdzaak bepaald. Vervolgens heeft hij door in de trant van zijn vader met de ondoorgrondelijkheid van de sfinx voet te geven aan tolerante en vrijzinnige stromingen in de gereformeerde Kerk, in dezen nauw samenwerkend met de toonaangevende Hollandse regenten, de Republiek tot de meest tolerante staat van het ancien régime helpen maken. Ten slotte heeft zijn dynastieke politiek in ieder geval tot resultaat gehad, dat het Huis Oranje door andere dynastieën als gelijkwaardig werd erkend (in 1635 liet de Franse koning hem met ?Hoogheid? aanspreken, in plaats van met het tot dusverre gebruikelijke ?Excellentie?). Enkele weken vóór de dood van Maurits was hij o 
van Oranje, Frederik Hendrik (I2924)
 
547 Vermelding: Buitenechtelijke relaties en kinderen:
Willem V Batavus was een seksmaniak en er wordt verondersteld dat hij wel honderden bastaardkinderen heeft verwekt bij verschillende vrouwen.
Het exacte aantal en bij wie is echter niet bekend.
Willem Batavus werd geboren in 's-Gravenhage als zoon van Willem IV en Anna van Hannover. Hij werd opgevoed door zijn moeder en vanaf 1759 door Lodewijk Ernst van Brunswijk-Lüneburg-Bevern. In 1763 werd hij ernstig ziek, men vreesde voor zijn positie als opvolger. In 1766, meerderjarig geworden, trad hij evenwel aan als stadhouder. Op 4 oktober 1767 huwde hij in Berlijn met Wilhelmina van Pruisen, een nicht van Frederik de Grote, die in 1768 de stadhouderlijke familie bezocht op het Loo.
Van Willem V wordt gezegd dat hij een goed geheugen had en goed van aard was, echter ook besluiteloos, legalistisch en detaillistisch. Hij was een stevige drinker, liep mank en miste waarschijnlijk een of twee voortanden, nadat hij van zijn paard was gevallen.
Willem V als kindWillem V begon met voorstellen tot verkleining van de vroedschappen in de Friese steden Stavoren (1768), Workum (1772) en Bolsward (1773). De stadhouder beschikte over goede contacten ("premiers") in Friesland, onderdeel van het stadhouderlijk stelsel. Ook in Gelderland en Overijssel hadden kleine steden moeite om hun vroedschapszetels op te vullen en waren aanpassingen geweest. De voorstellen die willekeurig kunnen worden genoemd, omdat hij niet overal over dezelfde bevoegdheden en invloed beschikte, werden hem niet in dank afgenomen. Het probleem van de opvulling van vroedschapszetels speelde bovendien in steden met een aanzienlijke katholieke bevolking, zoals Haarlem, Arnhem, Nijmegen, Oldenzaal, 's-Hertogenbosch, etc. Nog voor de patriottentijd in Bolsward, toen een klein stadje met 2600 inwoners, maar met een aanzienlijke katholieke bevolking (30%), ontstond in 1778 protest, waarop de stadhouder besloot het voorstel te laten rusten. 
van Oranje-Nassau, Willem V Batavus (I2942)
 
548 Vermelding: welgeboren man van Naaldwijk Heemskerck, Ysbrant Philipsz (I2324)
 
549 Vermelding[ Bron 1 ]:
Florentin, bisschop van Genève in 513, Florentin werd als bisschop gekozen wegens zijn kwaliteiten maar toen zijn vrouw zich bij hem voegde bleek zij in verwachting en Florentin trok zich terug van de geboden positie, Artemie beviel van St. Nizier, nadien werd niets meer van Florentin vernomen, waarschijnlijk omdat hij kort daarna overleed. 
Florentinus (I2805)
 
550 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Gezin: Frederik Folkerts Waardenburg / Akke Jans (F1324247915)
 

      «Vorige «1 ... 7 8 9 10 11 12 Volgende»